Risico is een variatie in de mogelijke uitkomsten, waarschijnlijkheden en subjectieve waardes van iets zo zegt de klassieke besluitvorming theorie. Die variatie kan groot zijn. En jouw inschatting van de verwachte uitkomsten van alternatieven. En de standaard gedachte is dat mensen steeds kiezen voor dat wat meer winst geeft. Maar is dat wel zo…?

Wat losse punten

  • Mensen kijken niet rationeel naar alle alternatieven. De waarschijnlijkheid dat een optie een resultaat zal hebben en de waarde van een optie worden anders gezien. Op zwart of rood zetten heeft een waarschijnlijkheid. Hoe groot de stapel geld is de waarde.
  • De meeste theorie denkt dat mensen risico avers zijn.
  • Managers lijken risico en winst niet op dezelfde manier te bekijken.
  • Managers schatten risico niet in met een waarde per alternatief, maar zeggen ‘wel gevoel’ te hebben voor wat het risico zal zijn.
  • De inschatting gaat meer over hoe groot het gevolg kan zijn, dan hoe groot de waarschijnlijkheid is dat iets gebeurd. Een potentiele schade van 2 miljoen met een zeer lage waarschijnlijkheid dat dit gaat gebeuren word anders bekeken van een potentiele schade van 300.000 met een hoge waarschijnlijkheid dit te verliezen.

Waarom denken mensen dat ze risico moeten nemen?

  • Ze denken dat het essentieel is te doen om succesvol te zijn.
  • Ze denken dat het nemen van risico nu eenmaal een onderdeel is van manager zijn.
  • Risico nemen is iets dat spanning geeft en gevaar met zich meebrengt.

RR: in mijn werk in verschillende organisaties in een grote verscheidenheid aan landen, zie ik dit overal terug. Enerzijds dat bureaucratische en zeer commerciële organisaties heel er anders zijn (=open deur). Dat daarin de kern is dat een bureaucratische organisatie taakstellend is en een commerciële organisatie niet: als de taak gehaald is moet het nog steeds meer en beter worden. En dan ook het verschil per land en hoe de culturele laag redelijk bepalend is hoe men met risico omgaat.

Hoe gaan mensen met risico om?

Onderzoek zegt dat mensen a) risico’s willen vermijden, b) ze soms risico zien als iets dat ze kunnen controleren, c) en men denkt dat het beter gaat als men meer weet, dus een soort van zekerheid groter laat worden als er minder onbekende zijn, d) managers accepteren risico omdat ze denken er toch niet op aangesproken te worden….

Wat theorie

Theorie 1 – Prospect theorie

Wat is de theorie. De introductie van het concepten over hoe met risico om te gaan in het strategisch management gaat terug tot de late jaren 1970. Er kwam toen een baanbrekende artikel ‘Prospect theory: an analysis of decision under risk’. Deze theorie is aangehaald bij de toekenning van de Nobel prijs voor economie in 2002. Het beschrijft het echte gedrag van mensen, niet wat de logica zou verwachten.

Effect. Volgens de Prospect-theorie is er een negatieve relatie tussen risicovolle strategische beslissingen en bedrijfsprestaties. Dus meer risico is minder prestatie. Dit zou pleiten voor een langzame aanpassing in de strategische veranderingen.

Hierin zit ook dat deze theorie zegt, wat simpel door me geschreven, dat rijke mensen voor minder risico kiezen en arme mensen voor meer risico om meer winst te halen. (Daarom doe ik niet mee aan de lotto.)

Intermezzo. Een andere uitleg van deze theorie is dat de manier waarom mensen naar winst of verlies kijken anders is. Men geeft er een andere waardering aan. Ik kan me daar iets bij voorstellen, lijkt me ook erg afhangen van of iemand eager is of juist risico mijdend. Maar schijnbaar is een algemeen geldende regel dat als je mensen twee keuzes geeft, die allebei exact dezelfde waarde hebben maar verwoord worden in termen van winst of potentieel verlies, men dan kiest voor die van winst.

  • Als je iemand een keuze geeft die een winst zal opleveren, dan zijn mensen risico mijdend en hebben dan een voorkeur voor een optie is minder winst geeft en minder risico heeft.
  • Aan de andere kant is het zo dat als mensen een risico volle optie voor zich hebben, die zal leiden tot een verlies, dan hebben mensen een voorkeur voor meer verlies met minder risico.

Theorie 2 – Threat-Rigidity theorie (dreiging ‘stijfheid’)

Wat is de theorie. Daarentegen stelden Staw et al., het “Threat-Rigidity”-perspectief. Deze wetenschappers van de Universiteit van California aan Berkely zeggen dan dat als een organisatie achteruit gaat organisatorische gezien deze organisaties conservatiever en risicomijdend worden. Een organisatie gaat achteruit als ze niet meer gelijklopen met de trend, iets wat we in strategie de ‘drift’ noemen. In gewone taal zou je zeggen dat een organisatie ‘ingeslapen’ raakt. Dan hebben ze minder wil om additioneel te blijven investeren in midden en mensen. Dus krijgen steeds minder middelen en beperkte kennis capaciteit.

Op een andere manier gezegd, als je onder druk staat, bijvoorbeeld in tijdens van een crises dan gaan organisaties terug naar waar ze goed in zijn.

Nog een andere manier van zeggen is dat, en je zal het herkennen, mensen bij een bedreiging of vluchten, of vechten of bevriezen. Dat is ons standaard reactie. En met die drie draaipunten is het logisch dat als je niet kan vluchten, je niet kan vechten, je dan naar de staat van bevriezen gaat. In strategie termen gaat de organisatie dan naar een status-quo en graaft zich in.

Effect. Kan een firma niet vechten en niet vluchten, dan gaat men doen wat men altijd al deed. Dus besluiten zullen ook of uitgesteld worden of genomen worden als het niets veranderd aan wat ze al doen.

Don’t rock the boat!

Geen theorie heeft gelijk

Empirische bevindingen rond deze theorieën zijn tegenstrijdig zo las ik, sommige ondersteunen de Prospect-theorie terwijl andere het Threat-Rigidity-perspectief ondersteunen.

Om een afweging te maken tussen de twee, presenteerden Prof. March, een hoogleraar aan Stanford en Shapira,  een ‘verschuivend focusmodel’ in het blad Management Science van 1987. Hierin zeiden zij dat je het beste goed kan kijken naar de overlevings- en ambitiedoelen van een bedrijf. Door te kijken waar de firma staat, kan je daarna kiezen uit welke theorie van toepassing is. Staan ze er goed voor: dan willen ze geen risico nemen, staan ze er slecht voor dan wel.

Conclusie

Dit is voor me en tussentijdse conclusie. En die zou zijn dat manager eerst willen zorgen dat ze kunnen overleven, en dan geen risico willen nemen. Vanaf het moment dat de overlevingsangst weg is durft men risico te nemen. Klink me in de oren als een redelijk standaard menselijke aanpak.

…en daarom wellicht te standaard en daarom winnen mensen die afwijken van de standaard en wel veel risico willen nemen.

Afijn, iets om volgend studiejaar weer eens verder te onderzoeken en daar meer tijd in te steken.

Rudolph Regter

vrijdag 19 november 2021

Bronnen

Kahneman, D. and Tversky, A. (1979). Prospect theory: an analysis of decision under risk. Econometrica, 47, pp. 263–291, 1979. 


Bowman, E.H. (1982). Risk seeking by troubled firms. Sloan Management Review, 23(4), pp. 33–42. 


Bromiley, P. (1991). Testing a causal model of corporate risk taking and performance. Academy of Management Journal, 34(1), pp. 37-59.

Foto: Photo by janilson furtado on Unsplash

En een serie meer, vraag me er naar…

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google photo

You are commenting using your Google account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s